ECLI:NL:RBGRO:2011:BU9713
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering huurachterstand na faillissement en gebruiksovereenkomst
Na het faillissement van De Vries Transport Group BV nam een derde partij, Graaco BV, het gebruik van het gehuurde pand over zonder toestemming van de curator. De verhuurder Penske Logistics BV gaf Graaco een korting van 50% op de huur in de maanden 5 tot en met 8, in verband met een voorgenomen koop.
De curator zegde de huurovereenkomst met De Vries pas op in maand 9, maar Penske vorderde betaling van het verschil van 50% huur over de maanden 5 tot en met 8 van de curator als boedelschuld, stellende dat de huurovereenkomst met De Vries nog bestond.
De kantonrechter kwalificeerde de overeenkomst tussen Penske en Graaco als een huurovereenkomst, maar oordeelde dat dit niet automatisch het einde van de huurovereenkomst met De Vries betekende. Penske kon zich echter niet beroepen op het voortbestaan van de oude huurovereenkomst, omdat zij niet tijdig overleg had gevoerd met de curator over de huurverlaging.
De vordering werd afgewezen en Penske werd veroordeeld in de proceskosten. De curator werd niet persoonlijk aansprakelijk gehouden.
Uitkomst: De vordering van Penske tegen de curator wordt afgewezen en Penske wordt veroordeeld in de proceskosten.