ECLI:NL:RBGRO:2011:BQ2358
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.Tj. Terpstra
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering herstelkosten na oplevering huurwoning wegens onvoldoende bewijs
De zaak betreft een geschil tussen verhuurder Lefier en huurder Q. over de kosten van herstelwerkzaamheden na beëindiging van de huurovereenkomst van een woning in Stadskanaal. Lefier vorderde betaling van herstelkosten, rente en incassokosten omdat Q. de woning niet in goede staat zou hebben opgeleverd.
De kantonrechter stelde vast dat Q. de woning bij het begin van de huurovereenkomst in goede staat had ontvangen en dat zij deze ook in goede staat diende op te leveren. Lefier stelde dat Q. niet in de gelegenheid was gesteld de gebreken zelf te herstellen, maar kon dit niet voldoende bewijzen. De kantonrechter overwoog dat zonder ingebrekestelling alleen die herstelkosten in rekening mogen worden gebracht die de huurder zelf had moeten maken.
De kantonrechter wees de meeste herstelkosten af wegens onvoldoende specificatie en bewijs, zoals schilderwerk, vervanging van wasbak en toilet, en schoonmaakkosten. Alleen een deel van de herstelkosten en de kosten van conservatoir beslag werden toegewezen. De vordering werd afgewezen omdat Q. al een groter bedrag had voldaan. Lefier werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van Lefier tot betaling van herstelkosten wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs en onderbouwing.