ECLI:NL:RBGRO:2011:BP0839
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - meervoudig
- D.J. Klijn
- D.A. Flinterman
- J.H.H.M. Dorscheidt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging erkenning minderjarige wegens dwaling over vaderschap
De man heeft op 10 juni 2008 de minderjarige erkend, in de veronderstelling dat hij de biologische vader was. Na beëindiging van de relatie en een DNA-onderzoek bleek dat hij niet de biologische vader is. De man verzocht de rechtbank om de erkenning te vernietigen wegens dwaling en bedrog.
De vrouw stelde dat zij altijd dacht dat de man de vader was, maar dat zij tijdens de conceptie gedwongen seksueel contact had met een andere man, wat zij verzweeg. De bijzondere curator stelde dat het in het belang van het kind is dat de erkenning wordt vernietigd, zodat de nieuwe partner van de vrouw het kind kan erkennen.
De rechtbank oordeelde dat sprake is van dwaling omdat de vrouw de man niet heeft geïnformeerd over het seksuele contact met een andere man. De erkenning wordt daarom vernietigd op grond van artikel 1:205 BW Pro. De erkenning wordt geacht nooit te hebben bestaan en het kind draagt de achternaam van de moeder. Het verzoek tot naamswijziging wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang.
Uitkomst: De erkenning van het kind door de man wordt vernietigd wegens dwaling over het vaderschap; het verzoek tot naamswijziging wordt niet-ontvankelijk verklaard.