ECLI:NL:RBGRO:2009:BH3578
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling kleine horecaondernemer voor overtreding rookverbod Tabakswet
Verdachte exploiteerde een klein café zonder personeel en voldeed niet aan de verplichting om een rookverbod in te stellen, aan te duiden en te handhaven, zoals vereist op grond van de Tabakswet. De verdediging voerde aan dat het rookverbod voor kleine horecaondernemers onrechtmatig zou zijn vanwege concurrentieverstoring, strijd met het gelijkheidsbeginsel, het EG-Verdrag en het EVRM, en dat er sprake zou zijn van overmacht of afwezigheid van schuld.
De rechtbank oordeelde dat het rookverbod wettelijk is gebaseerd, niet in strijd is met het gelijkheidsbeginsel of het EG-Verdrag, en dat het een legitiem en proportioneel middel is ter bescherming van de volksgezondheid. De verdediging kon geen strafuitsluitingsgrond aantonen. Het feit dat de onderneming financieel nadeel ondervindt valt onder het ondernemersrisico.
Op basis van bekennende verklaringen en processen-verbaal van de Voedsel en Waren Autoriteit werd bewezen verklaard dat op 23 november 2008 in het café werd gerookt zonder dat een rookverbod was ingesteld. Verdachte werd veroordeeld tot een geldboete van €1200 en een voorwaardelijke stillegging van de onderneming voor één maand met een proeftijd van één jaar.
Uitkomst: Verdachte wordt veroordeeld tot een geldboete van €1200 en een voorwaardelijke stillegging van één maand wegens overtreding rookverbod.