ECLI:NL:RBGRO:2006:AY3913
Rechtbank Groningen
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verbod op vangen en doden stadsduiven door gemeente Groningen wegens overlast
De Nederlandse Vereniging tot Bescherming van Dieren, afdeling Groningen, vorderde in kort geding dat de gemeente Groningen werd verboden stadsduiven te vangen en te doden vanwege hun beschermde status als inheemse vogelsoort. De gemeente had besloten de stadsduivenpopulatie terug te dringen vanwege ernstige overlast, veroorzaakt door een verdrievoudiging van het aantal duiven door bijvoedering.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de stadsduif moet worden aangemerkt als een gedomesticeerde vogelsoort, zoals bedoeld in de Flora- en faunawet en het Besluit aanwijzing dier- en plantensoorten. Hierdoor vallen stadsduiven niet onder de beschermde inheemse vogelsoorten en is het vangen en doden door de gemeente toegestaan zonder ontheffing van de minister of toestemming van de provincie.
De Dierenbescherming stelde dat de gemeente onrechtmatig handelde en dat er geen sprake was van onaanvaardbare overlast. De rechter vond echter dat de overlast voldoende aannemelijk was gemaakt, mede op basis van het SOVON-rapport en de verklaringen van de stadsecoloog. Ook werd geoordeeld dat de door de Dierenbescherming voorgestelde tillen-methode niet geschikt was voor een snelle oplossing van het probleem.
De voorzieningenrechter concludeerde dat het handelen van de gemeente niet onrechtmatig was en wees de vorderingen van de Dierenbescherming af. De Dierenbescherming werd veroordeeld in de proceskosten van de gemeente.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst het verbod af en bevestigt dat de gemeente stadsduiven mag vangen en doden wegens overlast.