ECLI:NL:RBGRO:2006:AV2013
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - meervoudig
- T.G. de Vries
- M.M.A. Onnes-Wind
- J. Smit
- Rechtspraak.nl
Indexering erfpachtscanon en werking aanvullende overeenkomsten bij eigendomsoverdracht
In deze zaak staat centraal de wijze van indexering van de erfpachtscanon sinds 1995, waarbij een indexeringsclausule in de erfpachtakte was gebaseerd op het Pachtnormenbesluit dat in 1995 werd gewijzigd. Daarnaast spelen aanvullende onderhandse overeenkomsten tussen de oorspronkelijke erfverpachter en erfpachter uit 1989 en 1995 een rol, waarin afspraken zijn gemaakt die afwijken van de notariële erfpachtakte.
De rechtbank stelt vast dat de kwalitatieve rechten uit deze overeenkomsten met de eigendom van de grond zijn overgegaan op de opvolgende erfverpachter Helenaveen. De stelling van de gedaagde dat deze overeenkomsten geen derdenwerking hebben wordt verworpen, mede omdat de gedaagde zich ook op deze afspraken heeft beroepen en de verhoogde canon heeft voldaan.
De kern van het geschil betreft de uitleg van de overeenkomst van 24 augustus 1995, waarin een jaarlijkse verhoging van f 1.400,-- werd afgesproken. De rechtbank concludeert dat deze overeenkomst slechts een eenmalige verhoging voor een periode van vijf jaar beoogde en niet een jaarlijkse cumulatieve verhoging. Voor de indexering na 1999 dient de canonherziening plaats te vinden volgens de erfpachtakte, waarbij het gewijzigde Pachtnormenbesluit als leidraad geldt.
De rechtbank wijst de vorderingen van Helenaveen over de periode tot en met 1999 af en verwijst partijen naar de rol om hun standpunten en berekeningen over de periode na 1 november 1999 aan te passen. Tevens wordt vastgesteld dat de gedaagde kosten voor de bovenwoning mag verrekenen met de canonbetaling. Het verweer van de gedaagde dat Helenaveen haar rechten op de brandverzekering heeft verwerkt wordt gehonoreerd, zodat die vordering wordt afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat het gewijzigde Pachtnormenbesluit als leidraad geldt voor de indexering van de erfpachtscanon en dat aanvullende overeenkomsten kwalitatieve rechten bevatten die overgaan op opvolgende erfverpachters, maar wijst vorderingen over de periode tot 1999 af.