Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
de rechtbank begrijpt: verdachte) een witte fles onder zijn linkerarm hield toen hij terug bij de woning was. Verdachte pakte de fles over met zijn rechterhand en hij hield een aansteker in zijn hand. Het was een donkerkleurige aansteker met een rolletje. Nadat verdachte benzine in haar gezicht had gegooid zei hij “ik steek de hele boel in brand, ik steek jullie in brand” en “die spullen moeten terug”. Verdachte stond op een afstand van ongeveer 1,5 meter van [slachtoffer 1] . [slachtoffer 1] zag dat verdachte een beweging naar haar toe maakte met de aansteker in zijn hand. [slachtoffer 1] hoorde in de tussentijd dat de aansteker die verdachte vasthield meerdere keren vonkte. [4] Op 14 augustus 2025 verklaarde [slachtoffer 1] dat verdachte de aansteker en de fles benzine beide in zijn linkerhand had. Zij verklaarde dat de aansteker een normale lengte had en dat het een roller was, geen klikker. Zij zag de aansteker nadat verdachte met benzine had gegooid. [slachtoffer 1] zag dat verdachte twee keer probeerde de aansteker te gebruiken. Misschien was het vaker, maar zij heeft twee keer gezien en gehoord. [slachtoffer 1] hoorde het wieltje van de aansteker en omschrijft dat als “gggk, gggk”. Toen verdachte de aansteker probeerde te gebruiken schreeuwde hij “ik steek jullie in de brand”. [slachtoffer 1] zag geen vlam of vonk bij de aansteker. [5] [slachtoffer 1] werd op 30 maart 2026 door de rechter-commissaris verhoord. Zij verklaarde dat verdachte een aansteker had en die aan probeerde te doen. De aansteker was nat geworden. [slachtoffer 1] werd emotioneel toen zij hierover vertelde. Verdachte had een aansteker en een fles benzine in zijn handen. De benzine kwam van onder de linker oksel van verdachte. Verdachte zei “ik steek je in de brand, ik steek je huis in de fik”. [slachtoffer 1] hoorde dat verdachte een aansteker probeerde aan te maken. Zij weet niet meer of het een aansteker met een wieltje of met een klik was. [6]
de rechtbank begrijpt: [slachtoffer 1]). Verdachte schreeuwde hierbij “Ik steek jullie allebei in de brand”. Vervolgens kneep verdachte de fles leeg over [slachtoffer 2] . [slachtoffer 2] zag dat verdachte ook een aansteker in zijn handen had toen hij de fles leegkneep. Verdachte liep met de aansteker in zijn hand op [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] af en schreeuwde: “Ik ga jullie in de brand steken”. [slachtoffer 2] zag dat verdachte de aansteker daadwerkelijk probeerde aan te doen en hoorde het geluid hiervan. [slachtoffer 2] kon niet zien of er ook daadwerkelijk een vlammetje brandde. [7] Op 14 augustus 2025 verklaarde [slachtoffer 2] dat verdachte de aansteker vast had tussen de fles en de rechterhand. [slachtoffer 2] weet niet welke kleur de aansteker had. [slachtoffer 2] zag geen aansteekgebaar maar hoorde het. Het geluid dat hij hoorde was van een vuursteenwieltje. De aansteker deed het niet, [slachtoffer 2] zag geen vlam of vonk. Verdachte probeerde de aansteker te gebruiken terwijl hij de fles benzine nog in zijn hand had. Verdachte zei daarbij: “ik steek je in de brand”. [slachtoffer 2] zag niet wat verdachte vervolgens met de aansteker deed, omdat hij achter [slachtoffer 1] aan de woning in rende. [8]
de rechtbank begrijpt: verdachte), heeft gepakt. [10]
,ik steek jullie in de brand” en “ik steek jullie allebei in de brand”.
,ik steek jullie in de brand” en “ik steek jullie allebei in de brand” en dat hij daarbij meerdere malen een aansteker heeft getracht aan te steken. De rechtbank acht daarmee wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan bedreigingen met enig misdrijf tegen het leven gericht en bedreiging met zware mishandeling van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] . De rechtbank zal verdachte vrijspreken van het ten laste gelegde medeplegen, nu uit het dossier niet blijkt dat verdachte samen met een of meer anderen heeft gehandeld.
- [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] met enige misdrijf tegen het leven en met zware mishandeling heeft bedreigd;
- een ruit geheel toebehorende aan [bedrijf] heeft vernield;
- opzettelijk 1,90 gram bevattende amfetamine en 161,47 gram bevattende GHB aanwezig heeft gehad.
3.De bewezenverklaring
of omstreeks11 augustus 2025 te Harderwijk,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,[slachtoffer 1] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en
/ofmet zware mishandeling, door
, althans een brandbare vloeistof, te overgieten en/ofte overgooien en
/of een flesbenzine
, althans een brandbare vloeistof,
op/in het gezicht
, althans het lichaam,van voornoemde [slachtoffer 1]
te spuiten en/ofte gooien
en/of leeg te knijpen,
(dreigend
)de woorden toe te voegen — zakelijke weergegeven — 'ik steek de hele boel in brand
,ik steek jullie in de brand'
, althans woorden van gelijke (dreigende) aard en/of strekkingen
/of
een beweging richting voornoemde [slachtoffer 1] te maken met een aansteker in zijn hand en/ofeen aansteker een of meerdere malen
aan te steken en/ofte pogen aan te steken
naast/in de buurt van voornoemde [slachtoffer 1] ;
of omstreeks11 augustus 2025 te Harderwijk,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,[slachtoffer 2] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en
/ofmet zware mishandeling, door
maalof meerdere malen (dreigend
)de woorden toe te voegen — zakelijk weergegeven — 'ik steek jullie allebei in de brand',
althans woorden van gelijke (dreigende) aard en/of strekking,
, althans een brandbare vloeistof, te overgieten en/ofte overgooien en
/of een flesbenzine
, althans een brandbare vloeistof,op/in het gezicht en
/ofde borst
, althans het lichaam,van voornoemde [slachtoffer 2] te spuiten en
/ofte gooien en
/of
een ofmeerdere malen een aansteker
aan te steken en/ofte pogen aan te steken in de buurt van voornoemde [slachtoffer 2] ;
of omstreeks11 augustus 2025 te Harderwijk opzettelijk en wederrechtelijk een ruit
, in elk geval enig goed, dat/die geheel
of ten deleaan een ander, te weten aan stichting [bedrijf] , toebehoorde heeft vernield
, beschadigd, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt;
of omstreeks11 augustus 2025 te Harderwijk opzettelijk aanwezig heeft gehad
ongeveer1,90 gram
, in elk geval een hoeveelheidvan een materiaal bevattende amfetamine en
/ofongeveer 161,47 gram
, in elk geval een hoeveelheidvan een materiaal bevattende GHB, zijnde amfetamine en
/ofGHB
(telkens
)een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I
, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet.
4.De kwalificatie van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de feiten
6.De strafbaarheid van de verdachte
7.De overwegingen ten aanzien van straf en maatregel
8.De beoordeling van de civiele vordering
- verdachte het oogmerk had het nadeel toe te brengen,
- de benadeelde partij lichamelijk letsel heeft opgelopen,
- de benadeelde partij in zijn eer of goede naam is geschaad, of
- de benadeelde partij op andere wijze in de persoon is aangetast.
9.De toegepaste wettelijke bepalingen
10.De beslissing
1 (één) jaar;
- verdachte zal zich niet aan een strafbaar feit schuldig maken;
- verdachte werkt mee aan het reclasseringstoezicht. De medewerking houdt onder ander in:
• verdachte geeft de reclassering inzicht in de voortgang van begeleiding en/of behandeling door andere instellingen of hulpverleners;
- verdachte kan voor een time-out worden opgenomen in een forensisch psychiatrisch centrum (pfc) of andere instelling als de reclassering dat nodig vindt en verdachte daarmee instemt. Deze time-out duurt totdat de reclassering of verdachte deze beëindigt, maar maximaal 7 weken, tot maximaal 14 werken per jaar;
- verdachte gaat niet naar het buitenland of het Caribisch deel van het Koninkrijk der Nederlanden, zonder toestemming van de reclassering;
- verdachte laat zich opnemen in een door het IFZ geïndiceerde zorginstelling of een soortgelijke zorginstelling, te bepalen door de justitiële instantie die verantwoordelijk is voor plaatsing. De opname duurt zolang de reclassering dat nodig vindt. Verdachte houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorginstelling geeft voor de behandeling. Gelet op de problematiek kan hieronder ook het innemen van medicijnen vallen, als de zorginstelling dat nodig vindt. Als de reclassering een overgang naar ambulante zorg, begeleid wonen of maatschappelijke opvang
- na zijn klinische behandeling verblijft verdachte in een instelling voor beschermd wonen of maatschappelijke opvang, te bepalen door de reclassering. Het verblijf duurt zolang de reclassering dat nodig vindt. Verdachte houdt zich aan de huisregels en het dagprogramma dat de instelling in overleg met de reclassering voor hem heeft opgesteld;
- verdachte gebruikt geen verdovende middelen genoemd in lijst I (harddrugs), en lijst II (softdrugs) en geen middelen die vallen onder een stofgroep in lijst IA in de Opiumwet, tenzij de reclassering toestemming heeft gegeven voor het gebruik. Verdachte moet meewerken aan controles. Dit kan zijn urineonderzoek, ademonderzoek en/of een speekseltest. De reclassering bepaalt hoe vaak en met welk controlemiddel wordt gecontroleerd;
- verdachte heeft op geen enkele wijze – direct of indirect – contact met
- verdachte bevindt zich niet in de gemeente Harderwijk;
- verdachte spant zich in voor het vinden en behouden van een passende dagbesteding met een vaste structuur. De dagbesteding draagt bij aan het voorkomen van delictgedrag;
telkensvermeerderd met de wettelijke rente vanaf 11 augustus 2025 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald;
- legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van benadeelde partij [slachtoffer 1] , een bedrag te betalen van € 1.569,90 aan materiële schade/smartengeld. Dit wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 11 augustus 2025 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald. Als dit bedrag niet wordt betaald, kunnen 15 dagen gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;
- bepaalt daarbij dat met betaling aan de benadeelde partij in zoverre de betaling aan de Staat vervalt en omgekeerd.