ECLI:NL:RBGEL:2026:4499
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroepen tegen weigering verliesverrekening en aftrek kosten inkomstenbelasting 2020 en 2021
Belanghebbende voerde beroep aan tegen de aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) over 2020 en 2021, waarin de inspecteur negatieve resultaten en kosten niet accepteerde. De inspecteur handhaafde de aanslagen en belastingrente. De rechtbank oordeelt dat belanghebbende geen aannemelijk gemaakt verlies heeft dat kan worden doorgeschoven uit eerdere jaren, waaronder de periode tot en met 2000 waarop een vaststellingsovereenkomst uit 2001 betrekking heeft.
De rechtbank stelt vast dat er geen feiten of omstandigheden zijn die wijzen op resterende verliezen uit die periode. Ook is niet gebleken van een tweede vaststellingsovereenkomst. De rechtbank overweegt dat verliesbeschikkingen voor eerdere jaren onherroepelijk zijn en niet meer in deze procedure kunnen worden aangevochten. Daarnaast is niet aannemelijk gemaakt dat de kosten samenhangen met een bron van inkomen, aangezien de inspecteur al in 2012 heeft vastgesteld dat die bron ontbreekt.
Belanghebbende verzocht ook om verliesverrekening over een bredere periode en teruggave van btw, maar deze verzoeken vallen buiten het bereik van deze procedure. De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond, handhaaft de aanslagen en belastingrente, en wijst proceskostenvergoedingen af.
Uitkomst: De beroepen tegen de aanslagen IB/PVV 2020 en 2021 worden ongegrond verklaard en de aanslagen en belastingrente worden gehandhaafd.