Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
12087970, 12087976, 12087978, 12087983, 12087985, 12087991,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Gelderland
De rechtbank Gelderland behandelde op 20 april 2026 een zitting waarin 33 beroepen werden ingediend tegen het niet tijdig nemen van beslissingen door de officier van justitie. De kantonrechter oordeelde in deze uitspraak over 14 van deze beroepen. De gemachtigde had namens betrokkenen beroepen ingesteld tegen het uitblijven van beslissingen op administratief beroep, terwijl de officier van justitie stelde dat in alle zaken tijdig was beslist en deze beslissingen aan betrokkenen en gemachtigde waren verzonden.
De rechtbank overwoog dat ingevolge artikel 13 en Pro 15 van Boek 3 BW het instellen van beroep niet kan worden misbruikt. In deze zaken was duidelijk dat de beroepen werden ingesteld terwijl al beslissingen waren genomen en dit ook aan de gemachtigde was meegedeeld. De gemachtigde had ondanks ingebrekestellingen en mededelingen dat er al was beslist, toch beroepen ingesteld, wat de rechtbank kwalificeerde als misbruik van recht.
De kantonrechter verklaarde daarom de beroepen niet-ontvankelijk en wees ook de verzoeken tot vaststelling van dwangsommen af. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, onder voorwaarden.
Uitkomst: De beroepen tegen het niet tijdig beslissen door de officier van justitie worden niet-ontvankelijk verklaard wegens misbruik van recht.