ECLI:NL:GHARL:2025:3767
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Sekeris
- Willems-Keekstra
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep misbruik van procesrecht bij massale ingebrekestellingen en dwangsom
De betrokkene stelde administratief beroep in tegen een beschikking van de officier van justitie en diende een groot aantal ingebrekestellingen in wegens het niet tijdig beslissen. De kantonrechter wees het beroep ongegrond en wees een proceskostenvergoeding af. In hoger beroep stelde de gemachtigde dat de officier van justitie onterecht geen dwangsom toekende en dat aanvullende gronden waren ingediend die niet in het dossier waren opgenomen.
Het hof constateerde dat de kantonrechter ten onrechte niet op het dwangsomverzoek had beslist, maar verklaarde het verzoek in hoger beroep niet-ontvankelijk omdat het niet eerder bij de kantonrechter aan de orde was gesteld. Uit onderzoek bleek dat een zeer groot deel van de 2.850 ingebrekestellingen geen doel kon treffen, waardoor de gemachtigde misbruik van procesrecht maakte door de officier van justitie te hinderen in een adequate afhandeling.
Het hof overwoog dat het indienen van een dergelijke bulk ingebrekestellingen zonder voldoende grond misbruik van bevoegdheid inhoudt, omdat het de voortvarende besluitvorming belemmert. Het verzoek tot vaststelling van de dwangsom werd daarom niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen. De beslissing van de kantonrechter werd vernietigd voor zover niet op het dwangsomverzoek was beslist.
Uitkomst: Het verzoek tot vaststelling van de dwangsom wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens misbruik van procesrecht en het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen.