ECLI:NL:RBGEL:2026:310
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking jachtakte wegens vrees voor misbruik door betrokkenheid bij onvergunde vogelvangkooien
Eiser ontving op 1 april 2023 een jachtakte geldig tot 31 maart 2024. De korpschef trok deze jachtakte op 11 maart 2024 in wegens vrees voor misbruik, nadat uit processen-verbaal en een digitaal onderzoek bleek dat eiser betrokken was bij het bouwen, onderhouden en zonder vergunning gebruiken van vogelvangkooien voor kraaien en eksters. Eiser betwistte deze betrokkenheid en voerde aan dat hij geen strafbare feiten had gepleegd en dat het bouwen en onderhouden van kooien niet strafbaar is.
De rechtbank oordeelt dat de minister zich op het standpunt mocht stellen dat er vrees voor misbruik bestaat, gebaseerd op het totaalbeeld van de WhatsApp-berichten en processen-verbaal, ondanks het ontbreken van een strafblad. De minister hoefde geen minder vergaande maatregel te nemen, zoals een waarschuwing, omdat het gebruik van vangkooien zonder vergunning een ernstige aantasting van de rechtsorde vormt.
Eiser voerde verder aan dat de minister in strijd met het gelijkheidsbeginsel had gehandeld en dat er aanleiding was om af te wijken van de standaard terugkijktermijnen, maar deze gronden werden verworpen. Ook het beroep op het evenredigheidsbeginsel faalde, omdat de intrekking een dwingende maatregel is bij vrees voor misbruik. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond, waardoor de intrekking van de jachtakte in stand blijft.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de intrekking van de jachtakte wegens vrees voor misbruik.