ECLI:NL:RBGEL:2026:3002
Rechtbank Gelderland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verlenging terbeschikkingstelling na onterechte kliniekplaatsing en positieve ontwikkelingen betrokkene
De rechtbank Gelderland behandelde op 10 april 2026 de vordering van het Openbaar Ministerie tot verlenging van de terbeschikkingstelling (tbs) van betrokkene. Na eerdere tussenbeslissing waarin werd vastgesteld dat het verblijf van betrokkene in een kliniek zonder juridische grondslag was, werd de behandeling voortgezet met betrokkenen en deskundigen.
De officier van justitie pleitte voor een verlenging van één jaar, omdat de overgang van kliniek naar zelfstandig wonen te abrupt zou zijn. Betrokkene en zijn raadsvrouw stelden echter dat de maatregel beëindigd moest worden vanwege positieve ontwikkelingen en het ontbreken van behandelnoodzaak. De reclassering en NIFP-rapporteur gaven aan dat voortzetting van toezicht wenselijk was, maar erkenden de negatieve houding van betrokkene.
De rechtbank concludeerde dat voortzetting van de maatregel geen meerwaarde heeft en mogelijk averechts werkt. Betrokkene woont inmiddels zelfstandig, is positief gestemd over toekomst en wil studeren of werken. De veiligheid van anderen vereist geen verlenging. De vordering tot verlenging van de tbs-maatregel wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot verlenging van de terbeschikkingstelling af en beëindigt de maatregel.