Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van
[eiseres] , uit [plaats 1] , eiseres
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Harderwijk
Samenvatting
- Is ten onrechte geen voornemen van handhavend optreden verzonden aan eiseres?
- Is eiseres overtreder?
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
Kamerstukken II1990/91, 21 211, nr. 5, blz. 68). [3] De beroepsgrond slaagt niet.
In artikel 5.37 van de Omgevingswet is bepaald:
1. Een omgevingsvergunning geldt voor degene die de activiteit verricht waarop zij betrekking heeft. Diegene is vergunninghouder en draagt zorg voor de naleving van de vergunningvoorschriften.
2. Als een aangevraagde of verleende omgevingsvergunning zal gaan gelden voor een ander dan de aanvrager of de vergunninghouder, informeert de aanvrager respectievelijk de vergunninghouder ten minste vier weken van tevoren het bevoegd gezag daarover. Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de gegevens die daarbij worden verstrekt.
3. In afwijking van het eerste lid, eerste zin, kan het bevoegd gezag in de omgevingsvergunning bepalen dat deze alleen geldt voor degene aan wie zij is verleend, als de persoon van de vergunninghouder van belang is voor de toepassing van de regels over het verlenen of weigeren van de omgevingsvergunning.
De rechtbank is verder van oordeel dat het college voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat eiseres het in haar macht heeft om te voldoen aan de lasten onder dwangsom. De beroepsgrond slaagt niet.