Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.De procedure
- de akte van [eiser] .
2.De verdere beoordeling van het geschil
De heer [eiser] heeft zijn vordering, voortvloeiende uit een geldleningsovereenkomst tot € 50.000,00 met [gedaagde] B.V. jegens cliënte achtergesteld en aan haar verpand.” Met cliënte wordt Rabobank bedoeld. [eiser] heeft de verpanding weliswaar (bloot) betwist, maar niet uitgelegd hoe de zinsnede over de verpanding, die hierboven staat, volgens hem dan moet worden gelezen. Daarom wordt aan die betwisting voorbij gegaan.