Uitspraak
RECHTBANK Gelderland
1.De procedure
- de dagvaarding van 6 januari 2026;
- de conclusie van antwoord van 19 januari 2026;
- de akte eiswijziging van de moeder van 21 januari 2026;
- de mondelinge behandeling van 21 januari 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
- de advocaat van de moeder;
- de vader, bijgestaan door zijn advocaat;
- een vertegenwoordigster van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Gelderland, gevestigd te Arnhem (hierna: de GI).
2.De feiten
- [naam kind 1] , geboren op [geboortedatum] in [geboorteplaats] (hierna: [kind 1] );
- [naam kind 2] , geboren op [geboortedatum] in [geboorteplaats]
- [kind 2] heeft 2,5 uur begeleide omgang eenmaal per twee weken op woensdagmiddag met moeder, onder begeleiding van GrandCare;
- [kind 1] heeft 2,5 uur begeleide omgang eenmaal per twee weken in het weekend met moeder, onder begeleiding van de pleegouders;
- de moeder bezoekt [kind 1] niet bij haar ouders (tevens pleegouders van [kind 1] ) buiten de vrijgestelde feestdagen waarbij moeder een dagdeel de volgende feestdagen mag meevieren: verjaardag pleegouders, verjaardag [kind 1] , Kerst, Moederdag, Vaderdag, verjaardag van [naam] (zus) en het gezin.
- er wordt middels een stappenplan gewerkt aan uitbreiding van de omgang naar maximaal drie uur per omgangsbezoek;
- waarbij de regie over de verdere uitbreiding of aanpassing qua aard, frequentie en vorm bij de GI wordt belegd.
3.Het geschil
- primairde vader met [kind 2] een verhuisverbod naar [plaatsnaam] op te leggen, en
subsidiairde vader met [kind 2] een terugverhuisgebod naar [woonplaats] op te leggen, onder verbeurte van een dwangsom van € 250 per dag dat de vader met [kind 2] toch in [plaatsnaam] woont of ingeschreven staat, zulks met een maximum aan te verbeuren dwangsommen van € 50.000; - de proceskosten van dit geding tussen partijen te compenseren.