ECLI:NL:RBGEL:2025:9433
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ingangsdatum Wlz-verzekering bij terugwerkende WIA-toekenning
Eiseres betwist de door de Sociale Verzekeringsbank (SVB) vastgestelde ingangsdatum van haar Wlz-verzekering per 25 december 2019. Zij stelt dat de verzekering pas per oktober 2022 zou moeten ingaan of dat zij afstand wil doen van haar WIA-uitkering vanwege onterechte hoge kosten.
De rechtbank stelt vast dat eiseres sinds haar terugkeer uit België in Nederland woont en vanaf 25 december 2019 een WIA-uitkering met terugwerkende kracht ontvangt. Op grond van de Europese Verordening (EG) nr. 883/2004 is zij daarom verzekerd voor de Wlz vanaf die datum. De SVB heeft dit besluit op juiste gronden genomen.
Hoewel eiseres door de terugwerkende toekenning van de WIA-uitkering geconfronteerd wordt met hoge zorgkosten, acht de rechtbank dit geen reden om het besluit te wijzigen. Wel raadt de rechtbank eiseres aan dit probleem bij haar zorgverzekeraar en het CAK aan te kaarten.
Het beroep wordt ongegrond verklaard, en eiseres krijgt geen vergoeding van proceskosten of griffierecht terug. De uitspraak is gedaan door rechter D.J. Post en griffier J.M. van Kouwen.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de vaststelling van de ingangsdatum van haar Wlz-verzekering per 25 december 2019 wordt ongegrond verklaard.