ECLI:NL:RBGEL:2025:4181
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- I.A.M. van Boetzelaer-Gulyas
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijzondere bijstand voor proceskosten wegens onvoldoende aannemelijkheid noodzakelijkheid
Eiser heeft bij het college van burgemeester en wethouders van Apeldoorn een aanvraag ingediend voor bijzondere bijstand ter vergoeding van deurwaarderskosten van €357,64, gemaakt in een bodemprocedure tegen de gemeente. Het college wees de aanvraag af omdat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat de kosten noodzakelijk waren.
De rechtbank bevestigt dat eiser niet heeft toegelicht wat de context en aard van de procedure is, waardoor niet kan worden beoordeeld of de kosten noodzakelijk zijn en of het niet toekennen van bijstand de toegang tot de rechter onaanvaardbaar beperkt. De rechtbank volgt het college in zijn oordeel dat de aanvraag terecht is afgewezen.
Eiser verzocht tevens om vergoeding van wettelijke rente, maar ook dit verzoek wordt afgewezen omdat geen grond bestaat voor schadevergoeding. Het beroep wordt ongegrond verklaard, waardoor eiser geen bijzondere bijstand ontvangt en geen proceskosten vergoed krijgt.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de afwijzing van de aanvraag bijzondere bijstand wegens onvoldoende aannemelijkheid van noodzakelijkheid van de kosten.