ECLI:NL:RBGEL:2025:2240
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toepassing schuldsaneringsregeling met eerdere ingangsdatum na minnelijk traject
Verzoekster heeft bij de rechtbank Gelderland een verzoek ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. De rechtbank heeft het verzoek behandeld op 13 maart 2025 en verzoekster gehoord. Het verzoek voldoet aan de wettelijke eisen en aan artikel 288 van Pro de Faillissementswet, zodat het verzoek wordt toegewezen.
Verzoekster vroeg om een eerdere ingangsdatum van de regeling op 1 januari 2024, omdat zij vanaf die datum aflossingen deed op basis van een loonbeslag. Tijdens de zitting bleek dat het minnelijk traject pas in december 2024 is gestart. De schuldhulpverlener verklaarde dat er geen stabilisatiefase was geweest en dat het verzoek direct werd ingediend, omdat de beslaglegger niet wilde meewerken aan een minnelijk traject.
De rechtbank volgt de recente Hoge Raad uitspraak van 20 december 2024, waarin is bepaald dat de eerste aflossing in het kader van een minnelijk traject bepalend is voor de ingangsdatum. Betalingen onder beslag kunnen ook als eerste aflossing gelden als zij ten goede komen aan gezamenlijke schuldeisers. Omdat het minnelijk traject in december 2024 begon en het beslag bleef liggen, wordt de ingangsdatum vastgesteld op 13 december 2024.
De rechtbank benoemt een rechter-commissaris en bewindvoerder, stelt de termijn van de regeling op achttien maanden en regelt het salaris van de bewindvoerder. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld binnen acht dagen via een advocaat.
Uitkomst: De rechtbank wijst de schuldsaneringsregeling toe met ingangsdatum 13 december 2024, de start van het minnelijk traject.