Uitspraak
1.De inhoud van de vordering
2.De procedure
3.Procesafspraken
4.De beoordeling van de vordering
€ 9.158,-.
Rechtbank Gelderland
De rechtbank Gelderland heeft op 5 december 2025 een 60-jarige man uit Arnhem veroordeeld tot een gevangenisstraf van 48 maanden wegens voorbereidingshandelingen voor drugshandel, bezit van drugs en witwassen. Deze straf is opgelegd na procesafspraken tussen het Openbaar Ministerie en de verdediging, waarbij de straf in verhouding werd geacht tot de ernst van de zaak.
Tijdens de openbare terechtzitting van 21 november 2025 werd ook de ontnemingsvordering behandeld. Het OM en de verdediging kwamen overeen het wederrechtelijk verkregen voordeel vast te stellen op €9.158,-, een bedrag dat door de veroordeelde niet werd betwist. De rechtbank heeft deze afspraken getoetst aan de eisen van artikel 6 EVRM Pro en vastgesteld dat de veroordeelde vrijwillig en bewust afstand heeft gedaan van bepaalde verdedigingsrechten.
Op basis van het proces-verbaal van politieonderzoek en de procesafspraken acht de rechtbank het aannemelijk dat de veroordeelde het genoemde bedrag aan wederrechtelijk voordeel heeft genoten. De rechtbank legt daarom de verplichting op tot betaling van dit bedrag aan de Staat en bepaalt de maximale duur van gijzeling op 183 dagen.
De uitspraak is gebaseerd op artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht en bevestigt de straf en ontnemingsmaatregelen conform de gemaakte procesafspraken.
Uitkomst: De veroordeelde is veroordeeld tot 48 maanden gevangenisstraf en betaling van €9.158,- aan wederrechtelijk verkregen voordeel.