ECLI:NL:RBGEL:2024:8887
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering vergoeding na voortijdige beëindiging overeenkomst van opdracht met gemeente
Op 21 januari 2023 sloten partijen een overeenkomst van opdracht met een looptijd tot 15 april 2023. De gemeente beëindigde de overeenkomst voortijdig op 14 april 2023. Eiser vorderde betaling van een vergoeding voor onbetaalde facturen en gereserveerde arbeidstijd, gebaseerd op zijn algemene voorwaarden en artikel 7:411 BW Pro.
De rechtbank overweegt dat de overeenkomst tussentijds opzegbaar was door de gemeente en dat de algemene voorwaarden geen grondslag bieden voor vergoeding van gereserveerde arbeidstijd, omdat de bepaling over 'orders' niet van toepassing is op deze doorlopende opdracht. Artikel 7:411 BW Pro is niet van toepassing omdat de honorering op vaste tarieven plaatsvond en niet afhankelijk was van volbrenging of tijdsverloop.
Daarnaast kon eiser onvoldoende onderbouwen dat de gefactureerde uren daadwerkelijk waren gewerkt, ondanks verzoeken om specificatie. Daarom wordt de vordering afgewezen en eiser veroordeeld in de proceskosten. De reconventionele vordering van de gemeente tot terugbetaling wegens te veel gefactureerde bedragen behoeft geen behandeling omdat de voorwaarde niet is vervuld.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van eiser af en veroordeelt hem in de proceskosten; de reconventionele vordering van de gemeente wordt niet behandeld.