AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Vernietiging erkenning en gerechtelijke vaststelling vaderschap met naamswijziging
Verzoeker, geboren in 1989, werd erkend door zijn juridische vader in 2002, op grond van het huwelijk van zijn moeder en de juridische vader. DNA-onderzoek bevestigde dat de juridische vader niet de biologische vader is; de biologische vader is geïdentificeerd. Verzoeker vroeg vernietiging van de erkenning, vaststelling van het vaderschap van de biologische vader en wijziging van zijn achternaam.
Hoewel verzoeker de wettelijke termijn voor vernietiging van de erkenning had overschreden, oordeelde de rechtbank dat het vasthouden aan deze termijn een ongerechtvaardigde inbreuk op het recht op privé- en gezinsleven (artikel 8 EVRMPro) zou zijn. De rechtbank ging daarom voorbij aan de termijnoverschrijding en verklaarde verzoeker ontvankelijk.
De rechtbank stelde vast dat het belang van verzoeker bij overeenstemming van juridische en biologische werkelijkheid zwaarder weegt dan het belang van strikte toepassing van de termijn. De erkenning van de juridische vader werd vernietigd, het vaderschap van de biologische vader vastgesteld en de achternaam van verzoeker gewijzigd in die van de biologische vader, gesteund door alle betrokkenen. De beschikking werd in het openbaar uitgesproken op 10 december 2024.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de erkenning van de juridische vader, stelt het vaderschap van de biologische vader vast en wijzigt de achternaam van verzoeker.
Uitspraak
beschikking
RECHTBANK GELDERLAND
Familie- en jeugdrecht
Zittingsplaats Arnhem
Zaakgegevens: C/05/437802 / FA RK 24-2140
Datum uitspraak: 10 december 2024
beschikking vernietiging erkenning en gerechtelijke vaststelling ouderschap en wijziging geslachtsnaam
Naar aanleiding van het verzoek van
[naam verzoeker], hierna [verzoeker] ,
wonende te [woonplaats] ,
advocaat mr. A. van Oosten te Elst.
De rechtbank merkt als belanghebbenden aan:
- [naam moeder], hierna de moeder,
wonende te [woonplaats] ,
- [naam juridische vader], hierna de juridische vader,
wonende te [woonplaats] ,
- [naam biologische vader], hierna de biologische vader,
wonende te [woonplaats] .
1.Het verloop van de procedure
1.1.
Het procesverloop blijkt uit de volgende stukken:
- het verzoekschrift van [verzoeker] , ingekomen bij de griffie op 20 juni 2024;
- de instemmingsverklaring van de biologische vader van 7 juli 2024, ingekomen op 12 juli 2024;
- de instemmingsverklaring van de juridische vader van 6 juli 2024, ingekomen op 19 juli 2024;
- de instemmingsverklaring van de moeder van 15 juli 2024, ingekomen op 19 juli 2024.
1.2.
Tijdens de mondelinge behandeling van 19 november 2024 zijn [verzoeker] en zijn advocaat gehoord.
2.De feiten
2.1.
[verzoeker] is op [geboortedatum] 1989 geboren in [geboorteplaats] . Hij is op [datum] 2002 erkend door de juridische vader en daarbij is gekozen voor de geslachtsnaam [naam juridische vader] . Hiervan is een akte opgemaakt op [datum] 2002. De aanleiding voor de erkenning was het huwelijk tussen de moeder en de juridische vader.
2.2.
Tussen partijen is niet in geschil dat de juridisch vader niet de biologische vader is van [verzoeker] . Dit wordt bevestigd door de overgelegde DNA-test waaruit blijkt dat [naam biologische vader] de biologische vader is van [verzoeker] .
2.3.
De moeder, de juridische vader en de biologische vader hebben schriftelijk ingestemd met het verzoek.
3.Het verzoek
3.1.
[verzoeker] verzoekt de erkenning te vernietigen, het vaderschap van [naam biologische vader] vast te stellen en zijn geslachtsnaam te wijzigen in [naam biologische vader] .
4.De beoordeling
4.1.
[verzoeker] stelt dat [naam juridische vader] niet zijn biologische vader is en wenst daarom dat de erkenning wordt vernietigd en dat het vaderschap van zijn biologische vader, [naam biologische vader] , wordt vastgesteld.
Ontvankelijkheid
4.2.
Ingevolge artikel 1:205 lid 1 aanhefPro en onder a van het Burgerlijk Wetboek (BW) kan een erkenning worden vernietigd op de grond dat de erkenner niet de biologische vader is van het kind. In artikel 1:205 lid 4 BWPro is bepaald dat een verzoek tot vernietiging van de erkenning door het kind wordt ingediend binnen drie jaren nadat het kind bekend is geworden met het feit dat de erkenner vermoedelijk niet de biologische vader is. Indien het kind gedurende zijn minderjarigheid bekend is geworden met dit feit, kan het verzoek tot uiterlijk drie jaren nadat het kind meerderjarig is geworden, worden ingediend.
4.3.
[verzoeker] is er op 20-jarige leeftijd bekend mee geworden dat zijn juridische vader niet zijn biologische vader is. Vanaf dat moment had [verzoeker] wettelijk gezien drie jaar de tijd om een verzoek tot vernietiging van de erkenning in te dienen. Dat heeft hij niet gedaan, waardoor hij nu in beginsel niet-ontvankelijk is in zijn verzoek.
4.4.
[verzoeker] heeft gevraagd voorbij te gaan aan de termijnoverschrijding en heeft dit als volgt onderbouwd. Hij was niet op de hoogte van het feit dat hij de [naam juridische vader] droeg als gevolg van de erkenning en wist niet dat er een juridische procedure nodig was om de gegevens te herstellen. Hij heeft eigenlijk nooit contact gehad met de familieleden van zijn juridische vader. De achternaam ‘ [naam juridische vader] ’ heeft voor hem een negatieve lading. Hij associeert deze achternaam met alcohol en drugs. Hij heeft zich laten dopen en heeft daarmee zijn oude leven achter zich willen laten. Hij wil verder met zijn leven en niet meer geconfronteerd worden met de naam ‘ [naam juridische vader] ’. Hij wil trouwen onder de juiste naam en deze naam kunnen verbinden en doorgeven aan zijn toekomstige gezin. Zijn huidige achternaam beperkt hem hierin. [verzoeker] heeft een band met zijn biologische familie en geeft aan veel op zijn biologische vader te lijken.
4.5.
In deze situatie ziet de rechtbank het vasthouden aan de ontvankelijkheidstermijn uit artikel 1:205 lid 4 BWPro als een ongerechtvaardigde inmenging in het door artikel 8 EVRMPro beschermde recht op ‘family life en private life’ van [verzoeker] .
Het belang van de biologische en maatschappelijke werkelijkheid en het persoonlijk belang van [verzoeker] prevaleren hier boven het belang van strikte hantering van de wetsbepaling. De rechtbank zal [verzoeker] daarom ontvangen in zijn verzoek.
Inhoudelijke beoordeling
4.6.
Het is in het belang van [verzoeker] dat de juridische werkelijkheid in overeenstemming wordt gebracht met de biologische werkelijkheid, oftewel dat in de geboorteakte van [verzoeker] niet langer de onjuiste vadergegevens vermeld staan. Daarom zal de rechtbank de erkenning vernietigen. Iedereen is het erover eens dat [verzoeker] niets meer van de juridische vader te verwachten heeft als vader. Daarnaast heeft de juridische vader ook ingestemd met het verzoek.
4.7.
De rechtbank zal de erkenning vernietigen en het vaderschap van [naam biologische vader] vaststellen. In de Memorie van Toelichting op artikel 1:207 lid 1 sub b BWPro staat weliswaar dat gerechtelijke vaststelling pas aan de orde is als een erkenning niet meer kan, maar de rechtbank is van oordeel dat [verzoeker] belang heeft bij de vaststelling van het vaderschap, onder andere vanwege de terugwerkende kracht. [1]
4.8.
Tot slot wijst de rechtbank ook het verzoek tot wijziging van de geslachtsnaam toe.
Op grond van artikel 1:5 lid 2 BWPro houdt een kind de geslachtsnaam van de moeder, tenzij de moeder en de man wiens vaderschap wordt vastgesteld ter gelegenheid van die vaststelling gezamenlijk verklaren dat het kind de geslachtsnaam van de vader zal hebben.
De moeder en de biologische vader hebben schriftelijk verklaard dat zij de uitdrukkelijke wens van [verzoeker] om de geslachtsnaam [naam biologische vader] te gaan dragen steunen.
5.De beslissing
De rechtbank:
5.1.
vernietigt de erkenning van [naam verzoeker], geboren op [geboortedatum] 1989 in [geboorteplaats] door [naam juridische vader], geboren op [geboortedatum] 1961 in [geboorteplaats] , [land] ;
En, onder de voorwaarde dat deze beschikking onherroepelijk is geworden en de erkenning is doorgehaald in de registers van de burgerlijke stand van de gemeente [geboorteplaats] :
5.2.
stelt vast het (gerechtelijk) vaderschap van de heer [naam biologische vader], geboren op [geboortedatum] 1953 in [geboorteplaats] , [land] , van [naam verzoeker], geboren op [geboortedatum] 1989 in [geboorteplaats] ;
5.3.
bepaalt dat [verzoeker] de geslachtsnaam [naam biologische vader] zal hebben;
5.4.
verstaat dat de wijziging in de registers van de burgerlijke stand op grond van het bepaalde in onderdeel 5.1., 5.2. en 5.3. geschiedt doordat aan de desbetreffende geboorteakte latere vermeldingen worden toegevoegd overeenkomstig artikel 1:20 lid 1 vanPro het Burgerlijk Wetboek;
5.5.
draagt de griffier van deze rechtbank op een afschrift van deze beschikking aan de ambtenaar van de burgerlijke stand te sturen zodra deze uitspraak in kracht van gewijsde is gegaan.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.E.M. Overkamp, (kinder)rechter, in tegenwoordigheid van mr. M. Cox-Weber als griffier en in het openbaar uitgesproken op 10 december 2024.
Indien hoger beroep tegen deze beschikking mogelijk is, kan dat worden ingesteld:
- door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.
Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Voetnoten
1.Vergelijk: Hof Den Bosch 8 september 2022, ECLI:GHSHE:2022:3111.