De wrakingskamer van de rechtbank Gelderland heeft op 29 oktober 2024 het wrakingsverzoek van verzoeker tegen mr. A.S.W. Kroon, rechter in de rechtbank, afgewezen. Verzoeker vreesde dat de rechter zijn argumenten anders zou wegen dan gewenst, maar concrete feiten die een objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid zouden rechtvaardigen, ontbraken.
De kamer overwoog dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn en dat alleen bijzondere omstandigheden tot wraking kunnen leiden. De aangevoerde gronden van verzoeker waren veronderstellingen zonder feitelijke basis. Ook het proces-verbaal van de mondelinge behandeling gaf geen aanwijzing dat de rechter reeds een standpunt had ingenomen.
Daarnaast had verzoeker een voorwaardelijk wrakingsverzoek tegen de wrakingskamer zelf ingediend, dat pas in werking zou treden na de einduitspraak. Omdat de wet geen wraking na einduitspraak toestaat, werd dit verzoek niet-ontvankelijk verklaard en buiten behandeling gelaten.
De wrakingskamer benadrukte dat het stellen van kritische vragen door de rechter of het citeren van stukken geen grond voor wraking vormt. Tegen de beslissing staat geen rechtsmiddel open.