ECLI:NL:RBGEL:2024:737
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Geen verlaagd btw-tarief voor orthopedische maatvoetbedden zonder specifieke functie
Belanghebbende, een producent van orthopedische voetbedden, voerde beroep aan tegen de afwijzing van haar bezwaar tegen een teruggaafbeschikking omzetbelasting over het eerste kwartaal van 2022. Zij stelde dat haar orthopedische maatvoetbedden onder het verlaagde btw-tarief vallen omdat deze eenzelfde functie vervullen als orthesen die wel onder het verlaagde tarief vallen.
De rechtbank oordeelde dat het verlaagde tarief alleen geldt voor orthopedische voetbedden die een aanvulling vormen op ontbrekende delen van de voet en die scheefgroei van vooral tenen voorkomen of opheffen. Belanghebbende kon niet aannemelijk maken dat haar voetbedden aan deze criteria voldoen. De voetbedden zijn vooral bedoeld ter ondersteuning en rechtzetting van de voet, niet primair ter correctie van scheefgroei van tenen.
De rechtbank wees ook het beroep op het neutraliteitsbeginsel af, omdat er geen sprake is van soortgelijke goederen die ongelijk worden behandeld. Bovendien is de toelichting op het verlaagde tarief een beleidsbesluit waar de rechtbank geen wijziging in kan aanbrengen. Het verzoek om vergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn werd eveneens afgewezen omdat de termijn nog niet was overschreden.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard, met als gevolg dat belanghebbende geen griffierecht of proceskostenvergoeding ontvangt.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en het verlaagde btw-tarief wordt niet toegepast op haar orthopedische maatvoetbedden.