ECLI:NL:RBGEL:2024:6740
Rechtbank Gelderland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Eindvonnis grensgeschil met bepaling en markering van perceelsgrens
In deze civiele zaak stond een grensgeschil tussen twee percelen centraal. De rechtbank Gelderland heeft op 22 mei 2024 het eindvonnis gewezen na een tussenvonnis op 10 april 2024. Partijen hadden de mogelijkheid gekregen om gezamenlijk een definitieve regeling te treffen, maar dit is niet tot stand gekomen doordat niet aan de voorwaarde van eenparigheid werd voldaan.
De rechtbank heeft de grens tussen de percelen vastgesteld op basis van een foto uit het tussenvonnis en bepaald dat het Kadaster deze grens kadastraal moet verwerken. Vervolgens is de gedaagde bevolen om binnen een gestelde termijn alle eigen zaken die zich op het aangrenzende perceel bevinden te verwijderen en een ondoorzichtige, twee meter hoge afscheiding te plaatsen bij de erfgrens.
De rechtbank heeft de proceskosten tussen partijen gecompenseerd omdat in conventie partijen over en weer op meerdere punten in het ongelijk zijn gesteld en in reconventie sprake was van een niet-contentieus geschil. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en bevat dwangsommen voor het geval de gedaagde niet aan de opgelegde verplichtingen voldoet.
Uitkomst: De rechtbank bepaalt de perceelsgrens en beveelt de gedaagde tot verwijdering van erfafscheidingen en plaatsing van een nieuwe afscheiding onder dwangsom.