Uitspraak
RECHTBANK Gelderland
1.De procedure
- de akte uitlating verwijzing van [eiseres] ,
- de akte uitlating verwijzing van [gedaagde] .
2.Het geschil
3.De beoordeling
4.De beslissing
woensdag 15 februari 2023 om 10.00 uur,
Rechtbank Gelderland
In deze zaak vordert eiseres de verdeling van de nalatenschap van erflater, met een saldo van circa €10.284,28. Gedaagde betwist de vordering en stelt dat de nalatenschap verdeeld moet worden over het aanwezige saldo van €8.629,28 op de ervenrekening.
De rechtbank heeft onderzocht welke rechter bevoegd is voor de behandeling van de vordering tot verdeling van de nalatenschap. Eiseres stelt dat de zaak moet worden behandeld door de kamer voor andere dan kantonzaken, verwijzend naar een arrest van het Gerechtshof Den Haag. De rechtbank analyseert artikel 93 van Pro het Wetboek van Rechtsvordering en concludeert dat de kantonrechter bevoegd is indien de vordering een waarde tot maximaal €25.000 vertegenwoordigt.
Aangezien het saldo van de nalatenschap onder deze grens blijft, is de kantonrechter bevoegd. Omdat eiseres haar vordering niet bij de kamer voor kantonzaken heeft ingediend, verwijst de rechtbank de zaak ambtshalve naar die kamer. Partijen worden geïnformeerd over de procedurele gevolgen, waaronder het recht om zonder advocaat te verschijnen en de verlaging van het griffierecht.
Uitkomst: De rechtbank verwijst de zaak naar de kamer voor kantonzaken vanwege de bevoegdheid van de kantonrechter bij verdeling van een nalatenschap onder €25.000.