Op 20 september 2021 sloten de rechtsvoorgangers van eiseres en gedaagde een koopovereenkomst waarbij gedaagde activa, klantenportefeuille en goodwill van eiseres kocht. De koopsom werd in drie termijnen betaald, waarvan de tweede tranche van € 20.000,- niet is voldaan.
Eiseres is rechthebbende geworden door cessie van de vordering. Gedaagde betwistte de geldigheid van de cessie en stelde zich niet-ontvankelijk. De rechtbank oordeelde dat de cessie rechtsgeldig was, omdat de mededeling van cessie via de dagvaarding had plaatsgevonden.
Gedaagde voerde verder aan dat zij recht had op vermindering van de koopsom wegens omzetverlies bij vaste klanten, maar kon dit onvoldoende onderbouwen en overleg over de berekening ontbrak. Ook een beroep op schadevergoeding wegens niet-conforme levering werd afgewezen wegens onvoldoende bewijs.
De rechtbank veroordeelde gedaagde tot betaling van € 20.000,- vermeerderd met wettelijke handelsrente vanaf 10 oktober 2022 en in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.