Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de meervoudige belastingkamer van
[eiseres], te [vestigingsplaats], eiseres
de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Amsterdam, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
- De financiële aansprakelijkheid van de werkgever jegens eiseres beperkt zich tot de premiebetaling, een en ander met inachtneming van de hierna te noemen garantstelling.
- De werkgever betaalt jaarlijks een pensioenpremie die wordt vastgesteld in het vierde kwartaal voorafgaand aan het desbetreffende jaar.
- De jaarlijkse pensioenpremie bedraagt maximaal 36% van de som van de pensioengrondslagen van de medewerkers die deelnemen in de pensioenregeling.
- Aan de werkgever worden geen premiekortingen of premierestituties verleend.
- Van de werkgever kan geen extra premie worden gevraagd, anders dan de hierna genoemde garantstelling.
- De garantstelling houdt in dat de werkgever zich gedurende de periode 2014 tot en met 2020 garant stelt voor de realisatie van de inkoop van de nagestreefde pensioenopbouw voor een bedrag van € 250.000.000, door het betalen van een hogere dan de maximale premie. Indien de vooraf vastgestelde en op 36% gemaximeerde premie minder is dan nodig is voor de realisatie van de nagestreefde pensioenopbouw, wordt het verschil door de werkgever aangevuld, voor zover hiervoor binnen de garantstelling nog een bedrag beschikbaar is.
- De garantstelling eindigt op 31 december 2020 of zoveel eerder als het maximaal beschikbare bedrag uit hoofde van de garantstelling ten gevolge van aanvullende premiebetalingen door de werkgever is teruggelopen tot nihil.
- Indien in enig jaar vanuit de vastgestelde premie de nagestreefde pensioenopbouw in dat jaar niet (volledig) kan worden gefinancierd, zal de pensioenopbouw van alle deelnemers in dat jaar zodanig worden vastgesteld dat de premie voldoende is, tenzij (en voor zover) uit de garantstelling in het premietekort kan worden voorzien. Een lagere opbouw van pensioenaanspraken in enig jaar zal later niet worden hersteld.
- Het bestuur van eiseres besluit jaarlijks of en in hoeverre de pensioenrechten en aanspraken kunnen worden verhoogd. Er bestaat geen recht op een verhoging.
- het fonds aan bijzonder overheidstoezicht is onderworpen;
- het fonds wordt gefinancierd door de deelnemers;
- de inleg wordt belegd volgens het beginsel van risicospreiding en
- het beleggingsrisico wordt gedragen door de deelnemers.
Beslissing
- of deelnemers een individueel beleggingsrisico lopen, of is het voldoende dat de deelnemers als collectief, en niemand anders, de gevolgen dragen van de resultaten van de beleggingen?
- wat de omvang van het collectieve dan wel het individuele risico is?
- in hoeverre de hoogte van de pensioenuitkering mede afhankelijk is van andere factoren, zoals het aantal jaren van pensioenopbouw, de hoogte van het salaris en de rekenrente?
- dat de werkgever zich voor de periode 2014 tot en met 2020 tot een bedrag van € 250.000.000 garant heeft gesteld voor de realisatie van de nagestreefde pensioenopbouw?