ECLI:NL:RBGEL:2021:561
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak van poging tot afpersing wegens onvoldoende bewijs betrokkenheid bitcoinadres
De rechtbank Gelderland behandelde een zaak waarin een 31-jarige verdachte werd verdacht van poging tot afpersing van een fruitbedrijf. Het slachtoffer werd via sms-berichten bedreigd met aanslagen als hij geen groot geldbedrag zou betalen. Er werd een bitcoinadres verstrekt waarop het slachtoffer de betaling in bitcoins moest doen.
De officier van justitie stelde dat verdachte de schakel was die het bitcoinadres aan de afpersers had verstrekt en het betalingsverkeer in de gaten hield. De verdediging betwistte dit en pleitte voor vrijspraak wegens gebrek aan bewijs.
De rechtbank oordeelde dat het dossier onvoldoende wettig en overtuigend bewijs bevat voor betrokkenheid van verdachte bij het verstrekken van het bitcoinadres of dat hij wist van het criminele doel. De app-gesprekken konden ook passen bij legale handel in verdovende middelen, zoals door verdachte verklaard. Er was geen bewijs dat verdachte het bitcoinadres aan de afpersers gaf of dat hij wist dat het voor afpersing werd gebruikt.
Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten en hief het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis op.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor betrokkenheid bij poging tot afpersing.