Uitspraak
1.de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [gedaagde 1]
1.De procedure
2.De feiten
geen cent meer ging betalen.”
U heeft op 8 maart 2021 een deskundigenoordeel aangevraagd over uw arbeids(on)geschiktheid.
Rechtbank Gelderland
Eiser trad op 10 november 2020 in dienst bij gedaagde 1 op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. Na meerdere aanrijdingen en zelfmoordpogingen in december 2020 ontstond discussie over zijn arbeidsongeschiktheid en de beëindiging van het dienstverband. Gedaagde 1 stelde dat de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig was beëindigd door opzegging of buitengerechtelijke vernietiging vanwege arbeidsongeschiktheid bij aanvang.
Eiser vorderde loonbetaling over de periode vanaf januari 2021, stellende dat hij ziek was en recht had op loondoorbetaling. De kantonrechter oordeelde dat de opzegging door eiser niet aannemelijk was gemaakt en dat de vermeende opzegging door gedaagde 1 niet rechtsgeldig was, mede door correspondentie tussen advocaten. De buitengerechtelijke vernietiging kon niet definitief worden beoordeeld in kort geding.
Verder was onduidelijk of eiser bij indiensttreding al arbeidsongeschikt was en of hij dit had moeten melden. Dit vereiste nader onderzoek dat in kort geding niet mogelijk was. Gezien het risico van onterechte loondoorbetaling en het feit dat eiser een voorlopige uitkering ontvangt, was geen plaats voor een voorlopige voorziening. De loonvordering werd daarom afgewezen en eiser werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De loonvordering wordt afgewezen vanwege onzekerheid over beëindiging arbeidsovereenkomst en arbeidsongeschiktheid bij aanvang.