Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.Overwegingen
2.Het oordeel van de rechtbank
3.Zijn de relevante schadefactoren op de juiste wijze gewaardeerd?
4.Is het normaal maatschappelijk risico op de juiste wijze vastgesteld?
5.Conclusie
6.Definitieve geschilbeslechting
7.Kosten
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit, voor zover daarbij de drempel voor het normaal maatschappelijk risico op 4% en de tegemoetkoming in planschade op € 3.700,- is bepaald;
- bepaalt dat het college aan eiser als tegemoetkoming in planschade een bedrag van € 4.925,- (€ 13.500,- minus € 8.575,- (= 3,5% van € 245.000,-)), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag van ontvangst van de aanvraag tot aan de dag van algehele voldoening, dient te vergoeden;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde gedeelte van het bestreden besluit;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 178,- aan eisers te vergoeden;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten en deskundigenkosten van eiser tot een bedrag van € 2.252,25.