Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de meervoudige belastingkamer van
[naam B.V. 1] , te [vestigingsplaats] , eiseres
de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Utrecht, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
[naam B.V. 3] ( [B.V. 3 oud] ) worden gevoegd in de fiscale eenheid van eiseres.
Geschil
[datum] is [B.V. 3 nieuw] door eiseres opgericht en tevens vanaf die datum gevoegd in de fiscale eenheid. Op grond van artikel 5, vierde lid, van het BFE wordt de winst van
[B.V. 3 nieuw] na voeging aangemerkt als de winst van eiseres.
Om te voorkomen dat stille reserves van [B.V. 3 oud] doorwerken naar de verliesverrekening van eiseres, moet de winst van [B.V. 3 nieuw] worden bepaald met inachtneming van artikel 15ah van de Wet Vpb. Op grond van het eerste lid van dat artikel wordt de winst van een maatschappij bepaald alsof deze geen deel uitmaakt van de fiscale eenheid (zelfstandige winstbepaling). Het tweede lid bevat afwijkende winstsplitsingsregels ten aanzien van vermogensbestanddelen die zijn verkregen binnen fiscale eenheid, zoals in het kader van een juridische fusie.
Bij fraus legis wordt gehandeld in strijd met doel en strekking van de wet (normvereiste) met als doorslaggevend motief belastingverijdeling (motiefvereiste). Op verweerder rust de bewijslast aannemelijk te maken dat aan beide vereisten is voldaan. Voordat wordt toegekomen aan beantwoording van de vraag of in dit geval sprake is van fraus legis, dient eerst beoordeeld te worden of in het algemeen ruimte is voor toepassing van fraus legis in gevallen zoals het onderhavige.
€ 614.426. Daarnaast wordt bij verliesverrekeningbeschikking een bedrag aan verliezen verrekend van € 614.426, zodat het belastbaar bedrag € 0 wordt. Het bedrag aan onverrekende verliezen zoals meegedeeld op het aanslagbiljet Vpb 2015 wijzigt in
€ 1.488.124. De belastbare winst voor 2016 zal de rechtbank vaststellen overeenkomstig de aangifte Vpb op € 625.746. Daarnaast wordt bij verliesverrekeningbeschikking een bedrag aan verliezen verrekend van € 625.746, zodat het belastbaar bedrag € 0 wordt. Het bedrag aan onverrekende verliezen zoals meegedeeld op het aanslagbiljet Vpb 2016 wijzigt in
€ 862.378.
€ 534 en een wegingsfactor 1). Van overige voor vergoeding in aanmerking komende kosten is de rechtbank niet gebleken. Eiseres heeft in bezwaar niet om proceskostenvergoeding verzocht.
Beslissing
mr. A.P. Vaatstra, rechters, in tegenwoordigheid van mr. I.A. Kranenburg, griffier.
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;