Op 26 januari 2021 heeft de Rechtbank Gelderland uitspraak gedaan in een kort geding waarin eisers, geen familie van de overledene, vorderden om afscheid te mogen nemen van de overledene op een specifieke wijze.
De overledene, zoon van gedaagde, werd op 27 januari 2021 gecremeerd. Eisers waren circa 25 jaar bevriend met de overledene maar hadden het contact recent beperkt. Na het overlijden werd eisers de toegang tot afscheid nemen geweigerd door gedaagde. Na eenmalige toestemming om afscheid te nemen in aanwezigheid van familieleden, werd een verzoek tot een tweede gelegenheid afgewezen.
De rechtbank oordeelde dat er geen rechtsregel bestaat die niet-familieleden aanspraak geeft op een dergelijke gelegenheid. Op grond van de Wet op de lijkbezorging bepalen de ouders hoe afscheid plaatsvindt. Hoewel het verzoek van eisers emotioneel begrijpelijk is, is er geen grond voor een rechterlijke maatregel. De vordering werd afgewezen en eisers werden veroordeeld tot betaling van de proceskosten.