VESTIGING ERFDIENSTBAARHEDEN
Ten behoeve en ten laste van het hierbij in eigendom overgedragene enerzijds en het aan de verkoper in eigendom verblijvende perceel kadastraal bekend gemeente [woonplaats] , sectie C nummer [nummer 2] , anderzijds worden hierbij over en weer gevestigd:
a. de erfdienstbaarheid van licht, inhoudende de bevoegdheid om aan en op de op het heersend erf bestaande opstallen balkons, ramen en lichten te hebben op kortere afstand van het lijdend erf, dan in de wet is toegestaan, zonder dat daarvoor een der in de wet genoemde beperkingen geldt;
b. de erfdienstbaarheid van overbouw, inhoudende de verplichting van de eigenaar van het lijdend erf te dulden dat eventueel een op een naastgelegen perceel gebouwde woning gedeeltelijk op of boven zijn perceel is gebouwd casu quo hierboven uitsteekt, casu quo de versnijdingen van funderingen of de bij deze woning behorende leidingen gedeeltelijk in zijn perceel aangebracht;
c. de erfdienstbaarheid van afvoer van fecaliën alsmede van regenwater en drop, overeenkomstig de aangebrachte goten, leidingen, riolering en putten en mede inhoudende de verplichting van het lijdend erf het overlopende water van de daken van de op het heersend erf gebouwde opstallen te ontvangen;
d. de erfdienstbaarheid inhoudende de verplichting van het lijdend erf te dulden dat ten behoeve van het heersend erf leidingen aanwezig zijn of worden gelegd voor de aanvoer van elektriciteit water, gas, telefoon en draadomroepaansluitingen;
e. al zodanige erfdienstbaarheden waardoor de toestand waarin die percelen zich ten opzichte van elkaar bevinden blijft gehandhaafd, speciaal voor wat betreft de aanwezigheid van gemene muren, inbalkingen en inankeringen.