Uitspraak
1.De procedure
2.De feiten
(…) Wij hebben op basis van de door u toegezonden stukken beoordeeld of u aan de volgende voorwaarden voldoet:
3.Het verzoek en het verweer
4.De tegenverzoeken en het verweer
5.De beoordeling van het verzoek
Het verschil in de vlottende activa betreft de vordering van de vennootschap op één van de directeur-grootaandeelhouders. Gezien de slechte resultaten van de laatste jaren en de beperkte pensioenopbouw bij de betreffende directeur, is het de vraag of deze vordering in de (nabije) toekomst inbaar is. Aflossing van deze schuld zou via een dividenduitkering dienen plaats te vinden, maar om hieraan toe te komen zal de vennootschap eerst winst en een (behoorlijk) positief vermogen moeten vergaren.”