Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.Het procesverloop
2.De feiten
HUWELIJKSVOORWAARDEN.
3.Het verzoek, het verweer tevens zelfstandig verzoek en het verweer daarop
4.De beoordeling
€ 386,- per kind per maand bedraagt, beloopt de zorgkorting een bedrag van € 58,- per maand. De eerder afgeleide bijdrage wordt verminderd met dit bedrag, zodat de man als bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding voor [kind 2] aan de vrouw dient te betalen een bedrag van € 307,- per maand. Gelet op het verzoek van de vrouw zal de rechtbank dit matigen tot € 306,- per maand. Een bijdrage van de man ten aanzien van [kind 1] is thans niet aan de orde, nu hij bij de man verblijft en er voor hem geen verzoek voorligt.
€ 730,-), beschikbaar voor alimentatie voor de vrouw. Rekening houdend met het belastingvoordeel dat de man heeft wegens alimentatiebetaling aan de vrouw, welk voordeel de rechtbank aan de vrouw toerekent, heeft de man ruimte voor een bedrag van € 533,- bruto per maand voor de vrouw. Gelet op het verzoek van de vrouw zal dit bedrag worden gematigd tot
€ 400,- per maand.
5.De beslissing
€ 306,-per maand, telkens bij vooruitbetaling te voldoen;
€ 400,- per maand, telkens bij vooruitbetaling te voldoen;