Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.[gedaagde 1] , en
[gedaagde 2],
Rechtbank Gelderland
Eiseres is eigenaar van het achterhuis van een woning die zij in 1994 deels aan gedaagden heeft verkocht, waarbij het voorhuis aan hen werd geleverd. Hoewel het perceel kadastraal gesplitst is, geldt er nog één wooneenheid volgens het bestemmingsplan. Eiseres wil haar woning verkopen, maar dit kan alleen als de woning ook bestuursrechtelijk in twee woningen wordt gesplitst en de tussendeur wordt dichtgemetseld. Hiervoor is een omgevingsvergunning of bestemmingsplanwijziging nodig, waarvoor medewerking van gedaagden vereist is.
Gedaagden weigeren medewerking te verlenen, stellende dat zij alleen willen meewerken als zij een extra perceel grond kunnen kopen. Eiseres vordert in kort geding dat gedaagden worden veroordeeld tot medewerking aan de vergunningaanvraag en bestemmingsplanwijziging, het dichtmaken van de tussendeur en het dragen van de helft van de kosten.
De rechtbank oordeelt dat uit de koopovereenkomst en notariële akte blijkt dat partijen de bedoeling hadden dat het voor- en achterhuis zelfstandige woningen zouden zijn. Op grond van redelijkheid en billijkheid rust op gedaagden een medewerkingsplicht om de splitsing bestuursrechtelijk mogelijk te maken. Het emotionele belang van gedaagden weegt niet op tegen het belang van eiseres bij verkoop en splitsing. De vorderingen worden toegewezen, met een dwangsom bij niet-naleving en een maximum van €100.000 aan dwangsommen. De kostenveroordeling wordt afgewezen omdat de kosten nog niet vaststaan. Proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: Gedaagden worden veroordeeld tot medewerking aan de splitsing van de woning en het verkrijgen van de benodigde vergunningen, met dwangsommen bij niet-naleving.