Uitspraak
Dexia Nederland B.V.
1.De procedure
.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Gelderland
De eiser sloot in 2001 effectenlease-overeenkomsten met Dexia, waarbij hij later geconfronteerd werd met een restschuld die hij volledig heeft voldaan. Hij stelde Dexia aansprakelijk wegens onrechtmatig handelen en tekortkomingen, onder meer vanwege het handelen van een tussenpersoon die hem onjuist en onzorgvuldig zou hebben geadviseerd.
De rechtbank overweegt dat de brief van 2006 van eiser aan Dexia de verjaring van zijn vorderingen tijdig heeft gestuit. De stelling dat de tussenpersoon als orderremisier optrad, wordt onvoldoende onderbouwd. Wel oordeelt de rechtbank dat indien de tussenpersoon heeft geadviseerd en Dexia hiervan op de hoogte was, Dexia onrechtmatig heeft gehandeld volgens artikel 41 van Pro de Nadere Regeling.
De hypotheekkosten komen niet voor vergoeding in aanmerking omdat het voor eiser duidelijk had moeten zijn dat de hypotheekconstructie geld kostte. De buitengerechtelijke kosten worden nader in cijfers toegelicht. De voorwaardelijke reconventionele vordering van Dexia wordt afgewezen omdat het wachten op procedurele duidelijkheid gerechtvaardigd was.
De rechtbank stelt Dexia in de gelegenheid zich nader uit te laten over de schade en kosten, waarna eiser kan reageren. De zaak wordt aangehouden voor verdere beslissing.
Uitkomst: Dexia is aansprakelijk voor de onjuiste advisering door de tussenpersoon, maar vergoeding van hypotheekkosten wordt afgewezen en de voorwaardelijke reconventie wordt verworpen.