Eiser, sinds 2011 arbeidsongeschikt door oogklachten, vroeg om verhoging van zijn WIA-uitkering wegens hulpbehoevendheid. Het UWV wees dit af op basis van medisch onderzoek, stellende dat eiser geen continue oppassing of geregelde handreikingen nodig had volgens de Beleidsregel.
Eiser voerde aan dat hij wel hulp nodig heeft bij dagelijkse levensverrichtingen zoals veters strikken, scheren en kammen, en dat het UWV zijn situatie onvoldoende medisch had onderzocht. Na een aanvullend huisbezoek door een verzekeringsarts concludeerde de rechtbank dat eiser weliswaar zelfstandig kan functioneren, maar dat de voorgestelde oplossingen buiten het normale gedragspatroon vallen en dat eiser is aangewezen op geregelde handreikingen.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en kende een verhoging van de uitkering toe tot 85%, met ingang van 16 februari 2015. Tevens werden de proceskosten en griffierechten aan eiser toegekend.