Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.De procedure
- het tussenvonnis van 4 mei 2016
- het verkorte proces-verbaal van comparitie van 22 juni 2016.
2.De feiten
3.Het geschil
- voor recht verklaart dat ROC Rijn IJssel aansprakelijk is voor de schade die [eiser] lijdt als gevolg van het ongeval op 20 mei 2008, met verwijzing naar de schadestaatprocedure;
- ROC Rijn IJssel veroordeelt in de kosten van [eiser] zoals begroot in de beschikking van 5 maart 2012 (219167 / HA RK 11-243) ad € 4.319,30;
- ROC Rijn IJssel veroordeelt in de kosten van deze procedure en van “de verzoekschriftprocedures op grond van artikel 186 en Pro 194 Rechtsvordering”.
4.De beoordeling
“ Kunt u vaststellen welk type glas aanwezig is geweest in de deur ten tijde van het ongeval?”als volgt beantwoord:
5.De beslissing
maar alleen indien [eiser] daarom op de onder 5.3 bedoelde roldatum heeft verzocht,naar de zesde rolzitting na de dag waarop dit vonnis is uitgesproken voor het nemen van een conclusie na niet gehouden getuigenverhoor aan de zijde van [eiser] , waarbij deze desgewenst ook het bewijs schriftelijk kan leveren,