Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
[eiser 4],
[eiser 5],
1.De procedure
- het tussenvonnis van 14 oktober 2015
- het verkorte proces-verbaal van comparitie van 18 januari 2016.
2.De feiten
€ 1.591.327,50.
3.Het geschil
4.De beoordeling
De slotsom luidt dat de stelling dat onrechtmatig is gehandeld op de door Varibel gestelde gronden, niet is komen vast te staan.
Gesteld noch gebleken is dat daarvan in deze zaak sprake is. Daarop strandt de vordering op de aandeelhouders reeds.
6.422,00(2,0 punten × tarief € 3.211,00)