ECLI:NL:RBGEL:2015:1535
Rechtbank Gelderland
- Wraking
- T.P.E.E. van Groeningen
- J.T. van Belzen
- A. Tegelaar
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen kinderrechter wegens vermeende vooringenomenheid
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen de kinderrechter in een procedure over omgangs- en zorgregeling, omdat de rechter het incidenteel verzoek tot voorlopige voorzieningen pas tegelijk met de hoofdzaak wilde behandelen, wat volgens verzoeker onjuist en partijdig was.
De wrakingskamer oordeelde dat het hier ging om een procedurele beslissing die niet bedoeld is als grond voor wraking, tenzij er sprake is van zwaarwegende aanwijzingen voor vooringenomenheid. De rechter had de beslissing gemotiveerd met het belang van een efficiënte en zorgvuldige procedure, mede gezien de kwetsbaarheid van de minderjarige.
De kamer stelde vast dat geen uitzonderlijke omstandigheden of onbegrijpelijke beslissingen aanwezig waren die de vrees voor vooringenomenheid rechtvaardigen. Het verzoek tot wraking werd daarom afgewezen. Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de kinderrechter wordt afgewezen wegens ontbreken van zwaarwegende aanwijzingen voor vooringenomenheid.