ECLI:NL:RBGEL:2014:7041
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking recht op bijstand wegens gezamenlijke huishouding en schending inlichtingenplicht
De rechtbank Gelderland behandelde het beroep tegen besluiten van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Druten waarbij het recht op bijstand van eiser werd ingetrokken en terugvordering van ten onrechte ontvangen bijstand werd ingesteld. De kern van het geschil betrof de vraag of eiser en eiseres een gezamenlijke huishouding voerden, waardoor eiser geen zelfstandig recht op bijstand had, en of sprake was van schending van de inlichtingenplicht.
Uit het onderzoek, waaronder verklaringen van eisers en een onderzoeksrapport van de Sociale Recherche, bleek dat er sprake was van wederzijdse zorg en financiële verstrengeling die de grenzen van een kostgangersrelatie overschreed. Dit leidde tot de conclusie dat eisers als gehuwden moesten worden aangemerkt voor de toepassing van de Wet werk en bijstand (Wwb). Omdat eiser dit niet had gemeld, was sprake van schending van de inlichtingenplicht, rechtvaardigde dit de intrekking van het recht op bijstand en de terugvordering van de ten onrechte verstrekte bedragen.
De rechtbank verwierp het subsidiaire standpunt van eiser dat de intrekking onterecht was vanwege een herroeping van een ANW-uitkering door de Sociale verzekeringsbank, omdat verweerder een eigen bevoegdheid heeft en dit besluit niet bindend is. Ook de aanvraag om bijstand na intrekking werd terecht afgewezen, aangezien eiser niet aannemelijk had gemaakt dat de omstandigheden waren gewijzigd.
De beroepen van eiser en eiseres werden ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de intrekking van het recht op bijstand en de terugvordering wegens gezamenlijke huishouding en schending van de inlichtingenplicht.