ECLI:NL:RBGEL:2013:2664
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing vertragingsvergoeding wegens onvoldoende onderbouwing buitengewone omstandigheden door luchtvaartmaatschappij
In deze zaak vorderen eisers betaling van een vertragingsvergoeding wegens een vertraagde vlucht van TUI Airlines Nederland B.V. De rechtbank oordeelt dat het technische probleem dat de vertraging veroorzaakte kwalificeert als een buitengewone omstandigheid in de zin van artikel 5 lid 3 van Pro de Verordening. TUI moest aantonen dat zij met inzet van alle beschikbare middelen, zonder onaanvaardbare offers, de vertraging niet had kunnen voorkomen.
TUI heeft verschillende maatregelen genomen, waaronder het onderzoeken of het vliegtuig de vlucht kon voltooien, het proberen in te zetten van een ander vliegtuig of een andere maatschappij, en het sturen van technisch personeel en materiaal. Zij stelde dat het economisch onhaalbaar is om een reservetoestel achter de hand te houden vanwege de hoge kosten. Echter, TUI heeft haar stellingen onvoldoende onderbouwd met bewijs, met name over de beschikbaarheid van vliegtuigen en de kosten.
De rechtbank oordeelt dat TUI onvoldoende heeft aangetoond dat zij niet anders kon handelen om de vertraging te voorkomen, bijvoorbeeld door gebruik te maken van alternatieven dichter bij de bestemming. Daarom wordt de vordering tot betaling van de vertragingsvergoeding van € 1.200,00 toegewezen, vermeerderd met wettelijke rente. Daarnaast worden buitengerechtelijke kosten gedeeltelijk toegewezen en wordt TUI veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: TUI wordt veroordeeld tot betaling van € 1.378,50 plus wettelijke rente en proceskosten wegens onvoldoende onderbouwing van buitengewone omstandigheden.