ECLI:NL:RBDOR:2011:BR1466
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling en correctie WOZ-waarde van een groot complex na bezwaar en beroep
Eiser maakte bezwaar tegen de WOZ-waardebeschikking van een groot complex onroerende zaken, waarbij de heffingsambtenaar de waarde had vastgesteld voor het belastingjaar 2009. Na een ongegrond verklaard bezwaar stelde eiser beroep in bij de rechtbank Dordrecht.
De rechtbank beoordeelde de objectafbakening en de waardebepaling van de verschillende onderdelen van het complex, waarbij werd vastgesteld dat de waardering per onderdeel correct was en niet als één geheel hoefde te geschieden. De rechtbank concludeerde dat verweerder geslaagd was in de bewijslast voor de meeste bedrijfsobjecten, maar niet voor enkele appartementen en woonobjecten waar onvoldoende rekening was gehouden met woonoppervlakte en geluidshinder.
De rechtbank stelde daarom voor deze objecten lagere WOZ-waarden vast, vernietigde de uitspraak op bezwaar voor deze onderdelen en bepaalde dat verweerder het betaalde griffierecht en proceskosten aan eiser moest vergoeden. De aanslagen onroerende-zaakbelastingen werden dienovereenkomstig verminderd.
Uitkomst: De rechtbank stelt lagere WOZ-waarden vast voor meerdere objecten, vernietigt het bezwaarbesluit deels en veroordeelt verweerder tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.