ECLI:NL:RBDOR:2010:BO2082
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing hoofdsom doorlopend krediet zonder rentebedragen wegens overeengekomen rentestop
In deze civiele procedure vordert CMV Bank betaling van een openstaande hoofdsom van een doorlopend krediet verstrekt aan gedaagde, vermeerderd met rente en buitengerechtelijke incassokosten. De kredietovereenkomst dateert uit 1994, waarbij een bedrag van circa €29.495,71 is verstrekt, met latere verhogingen en aflossingen. Vanaf oktober 2005 zijn door CMV Bank rentebedragen in rekening gebracht, die gedaagde betwist op grond van een overeengekomen rentestop.
Gedaagde voert aan dat de rentestop in 1999 is overeengekomen en dat CMV Bank deze eenzijdig en zonder geldige opzegging heeft geschonden door vanaf 2005 rente te berekenen. De rechtbank stelt vast dat CMV Bank onvoldoende heeft onderbouwd dat zij de rentestop rechtsgeldig heeft opgezegd. De rentebedragen vanaf oktober 2005 zijn daarom onterecht in rekening gebracht.
De rechtbank neemt het standpunt van gedaagde over dat het openstaande saldo exclusief rente circa €29.420,-- bedraagt en wijst de vordering van CMV Bank toe tot dit bedrag. De gevorderde contractuele rente wordt afgewezen en in plaats daarvan wordt de wettelijke rente toegewezen vanaf de dagvaarding. De buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de hoofdsom en proceskosten.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de hoofdsom van €29.420,-- zonder rente, met wettelijke rente vanaf dagvaarding en proceskosten.