ECLI:NL:RBDOR:2010:BO1993
Rechtbank Dordrecht
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Geen schending van geheimhoudings- en relatiebedingen door ex-werknemers en concurrerende vennootschap
Officious, een groothandel in kantoorartikelen, vordert in kort geding nakoming van geheimhoudings- en relatiebedingen door haar ex-werknemers [gedaagde 1] en [gedaagde 2] en een verbod voor hun concurrerende vennootschap [gedaagde 3] om zakelijke contacten met haar klanten te onderhouden.
De arbeidsovereenkomsten met de ex-werknemers waren beëindigd, waarbij relatiebedingen van kracht waren die onder meer het benaderen van klanten na beëindiging verboden. Officious stelde dat deze bedingen waren geschonden en eiste onder meer betaling van boetes en staking van het handelen in strijd met de bedingen.
De rechtbank oordeelt dat Officious onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is van schending van de geheimhoudingsbedingen. Ook is het relatiebeding van [gedaagde 1] verlopen en is er onvoldoende bewijs dat [gedaagde 2] zijn relatiebeding heeft geschonden. De brief van 10 juni 2010 en het contact met klanten zijn onvoldoende onderbouwd. Evenmin is bewezen dat [gedaagde 3] onrechtmatig handelt.
Daarom worden de vorderingen afgewezen en wordt Officious veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Vorderingen van Officious wegens schending geheimhoudings- en relatiebedingen worden afgewezen; Officious wordt veroordeeld in de proceskosten.