ECLI:NL:RBDOR:2010:BN2063
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging intrekking exploitatie- en drankvergunning wegens onvoldoende motivering en onzorgvuldig onderzoek
Eiser kreeg op 3 november 2006 een exploitatievergunning en een vergunning op grond van de Drank- en Horecawet voor een horecabedrijf. Verweerders trokken deze vergunningen op 23 april 2007 in, gebaseerd op een advies van Bureau BIBOB van 15 februari 2007, waarin ernstig gevaar werd geconstateerd dat de vergunningen zouden worden gebruikt voor strafbare feiten.
Eiser maakte bezwaar en stelde beroep in bij de rechtbank. Verweerders vroegen op 1 november 2007 een aanvullend advies aan Bureau BIBOB, dat op 14 december 2007 werd uitgebracht en terugkwam op het eerdere standpunt, waarbij minder ernstig gevaar werd vastgesteld. Verweerders namen echter op 11 december 2007 een beslissing op bezwaar zonder dit tweede advies mee te wegen.
De rechtbank oordeelt dat het eerste advies onvoldoende steun biedt voor het ernstige gevaar en dat het onderzoek onzorgvuldig was. Verweerders hebben niet voortvarend gehandeld door het tweede advies niet af te wachten en onvoldoende druk uit te oefenen op Bureau BIBOB om tijdig te adviseren. De intrekking van de vergunningen is daarom onrechtmatig en wordt vernietigd. Verweerders worden veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de exploitatie- en drankvergunning wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en onzorgvuldig onderzoek.