ECLI:NL:RBDOR:2005:AU9327
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling schadeloosstelling bij onteigening dijkperceel met waardevermindering overblijvende grond
Het waterschap onteigende een gedeelte van een perceel dat onderdeel uitmaakt van een dijk, in gebruik als antiekboerderij en woonruimte. Deskundigen taxeerden de schadeloosstelling op €56.980, bestaande uit de waarde van het onteigende, waardevermindering van het overblijvende en bijkomende kosten.
Het waterschap betwistte de waardering en stelde dat eerdere transacties als referentiekader moesten dienen, terwijl de onteigende partij hogere waardes en bijkomende inkomensschade claimde. De deskundigen en rechtbank verwierpen deze bezwaren en onderschreven de toegepaste waarderingsmethode.
De rechtbank wees de schadeloosstelling toe, inclusief rente vanaf inschrijving onteigeningsvonnis, en bepaalde dat het waterschap bijkomende aanbiedingen gestand moet doen. Proceskosten werden deels toegewezen, waarbij kosten van andere deskundige bijstand werden gematigd.
De inkomensschade van de BV werd afgewezen omdat deze geen partij was en onvoldoende aannemelijk was gemaakt. De rechtbank oordeelde dat de kosten voor het hekwerk redelijk waren begroot en dat een extra alarminstallatie niet noodzakelijk was.
Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en werd uitgesproken door rechter Verhappen op 9 november 2005.
Uitkomst: De rechtbank stelt de schadeloosstelling wegens onteigening vast op €56.980 en veroordeelt het waterschap tot betaling van het saldo met rente en proceskosten.