ECLI:NL:RBDOR:2004:AO9529
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schuldsaneringsregeling wegens gebrek aan goede trouw schuldenaar
De rechtbank Dordrecht behandelde op 12 mei 2004 het verzoek van een schuldenaar tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. De rechtbank stelde allereerst vast dat zij bevoegd was om van het verzoek kennis te nemen, aangezien het centrum van de voornaamste belangen van de schuldenaar in Nederland, arrondissement Dordrecht, lag, ondanks zijn emigratie naar België.
Vervolgens onderzocht de rechtbank of er afwijzingsgronden waren, met name of de schuldenaar te goeder trouw was bij het ontstaan of het onbetaald laten van zijn schulden. De rechtbank nam kennis van eerdere uitspraken waarin de schuldenaar als bestuurder aansprakelijk werd gehouden wegens onbehoorlijk bestuur dat leidde tot faillissementen. Dit leidde tot de conclusie dat de schuldenaar niet te goeder trouw was.
De rechtbank verwierp het argument dat de omvang van de schuld die voortkwam uit onbehoorlijk bestuur relatief klein was ten opzichte van de totale schuldenlast. Ook werd benadrukt dat de wettelijke schuldsaneringsregeling primair bedoeld is voor sociaal zwakkeren en niet voor ondernemers met grote zakelijke schulden en een kostbaar woonhuis in België.
Op grond van deze overwegingen wees de rechtbank het verzoek tot schuldsanering af. De schuldenaar heeft het recht om binnen acht dagen na uitspraak hoger beroep aan te tekenen bij het gerechtshof.
Uitkomst: Verzoek tot schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens gebrek aan goede trouw van de schuldenaar.