ECLI:NL:RBDHA:2026:9604
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Duitsland en geen afhankelijkheidsrelatie
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Duitsland volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling.
Eiser stelde een bijzondere afhankelijkheidsrelatie te hebben met zijn zus in Nederland, die hem mentaal en fysiek ondersteunt vanwege zijn jonge leeftijd en gezondheidsproblemen. De rechtbank oordeelde dat deze relatie onvoldoende concreet en niet van dien aard is dat Nederland verantwoordelijk moet zijn volgens artikel 16 van Pro de Dublinverordening.
Daarnaast voerde eiser aan dat de minister zijn discretionaire bevoegdheid niet zorgvuldig had gebruikt en dat medische redenen een overdracht naar Duitsland zouden moeten verhinderen. De rechtbank vond dat de minister dit besluit zorgvuldig had genomen en dat er geen medische gronden waren om de overdracht te weigeren.
De rechtbank concludeerde dat de asielaanvraag terecht niet in behandeling is genomen en verklaarde het beroep ongegrond. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.